FR EN CN
Loading...
visu_top
Terug

Brussel in cijfers

Brussel in cijfers
Brussel is niet alleen de hoofdstad van het koninkrijk België, maar ook van Europa.

De stad is makkelijk te bereiken en de prijzen zijn er nog klantvriendelijk, ongeacht de leeftijd van de bezoeker. De stad is kosmopolitisch en lekker eten behoort nu eenmaal tot haar tradities. Brussel heeft ook een heel eigen stijl en manier van leven. Soms eigenzinnig en onverzettelijk, dan weer rustig en rationeel, maar altijd even sympathiek. Ondanks de Europese dimensie van de stad en de vele talen die er worden gesproken, heeft Brussel toch een "dorpse" mentaliteit weten te bewaren. Uiteraard zijn er de Grote Markt, het Atomium, Manneken-Pis, geuze en kriek, Brusselse wafels en pralines... (allemaal musts!). Toch een goede tip: neem ook eens de tijd om de sfeer in de verschillende wijken op te snuiven. Loop bijvoorbeeld eens langs de Dansaertstraat, de Sint-Gorikshallen en het Sint-Katelijneplein. Maak eens een wandeling in wijken zoals Sint- Bonifaas, Kastelein of Flagey... U ontdekt er een bruisend Brussel dat zich goed voelt als historische stad, maar ook als moderne hoofdstad die veel aandacht heeft voor mode, design en creativiteit. Kortom, geniet van Brussel, een stad die het ontdekken absoluut waard is...

Het hart van Brussel klopt voor Europa
 
Als zetel van de Europese Unie en de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) is Brussel tevens een internationale financiële markt waar meer dan twee duizend multinationals hun Europese hoofdzetel hebben gevestigd. Brussel heeft een groot wetenschappelijk potentieel en kan bogen op een flexibele economische infrastructuur, zodat de stad bijzonder goed overweg kan met de ingrijpende technologische evoluties van de 21ste eeuw.

Brussel in cijfers
 
• Net zoals de Parijse arrondissementen en de Londense boroughs wordt elke gemeente in Brussel aangeduid met een specifieke postcode: 1050 voor Elsene, 1180 voor Ukkel enz.
• Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bestaat uit 19 gemeenten: Anderlecht (1070), Oudergem (1160), Sint-Agatha-Berchem (1082), Brussel-Stad (1000 en 1020), Etterbeek (1040), Evere (1140), Vorst (1190), Ganshoren (1083), Elsene (1050), Jette (1090), Koekelberg (1081), Sint-Jans-Molenbeek (1080), Sint-Gillis (1060), Sint-Joost-ten-Node (1210), Schaarbeek (1030), Ukkel (1180), Watermaal-Bosvoorde (1170), Sint-Lambrechts-Woluwe (1200) en Sint-Pieters-Woluwe (1150).
• De totale oppervlakte van de agglomeratie bedraagt 16.179 ha.
• Brussel telt ongeveer 1,1 miljoen inwoners. Bijna 30% van de totale bevolking bestaat uit buitenlanders.
• De grote stedelijke groenruimten (parken - bossen - wouden) beslaan 11,4% van de bodem.
• De wintertijd is GMT +1
• De zomertijd is GMT + 2
• Brussel heeft een gematigd zeeklimaat.
• De gemiddelde temperatuur bedraagt 's zomers ± 16° Celsius (± 60° Fahrenheit).
• De gemiddelde temperatuur bedraagt 's winters ± 3° Celsius (± 37° Fahrenheit).
• Brussel ligt op een hoogte van 15m op de centrale lanen, 52 m op het Madouplein, en 100 m tussen het park van Vorst en het Dudenpark.
• Op ongeveer 6 km van het centrum van Brussel werd een ringweg aangelegd om het doorgaand verkeer te bevorderen en de stad makkelijker toegankelijk te maken (RING).
 

Top 10 musea en attracties
 
• Belgisch Centrum voor het Beeldverhaal
• Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België
• Museum voor Natuurwetenschappen
• Autoworld
• Mini-Europe / Océade
• Muziekinstrumentenmuseum
• Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis - Jubelparkmuseum
• Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis
• Atomium
• BOZAR
 

Brussel, mijn geschiedenis
 
De geschiedenis van Brussel kadert vanouds in een opmerkelijke fysieke context, een context die de totstandkoming van een grote stedelijke agglomeratie in de hand heeft gewerkt.
 
Gelegen op het raakvlak tussen twee tegengestelde regio's (moerasland in het Westen, heuvels en laagland in het Oosten) wist de stad altijd te profiteren van haar centrale positie. Eerst ging zij Leuven verdringen als hoofdstad van het Hertogdom Brabant. Vervolgens werd haar politieke profiel in de loop der eeuwen en onder de opeenvolgende regimes alsmaar krachtiger. En ten slotte wierp zij zich op als Europese hoofdstad.
 
De oorsprong
 
Vanaf wanneer kan men Brussel eigenlijk beschouwen als een entiteit die alle elementen in zich verenigt om een stad te worden genoemd ? Het is een vraag die nooit een bevredigend antwoord kreeg. Voor historici is en blijft Brussel een van de meest hardnekkige en dus frustrerende raadsels. Uit opgravingen is gebleken dat zich hier achtereenvolgens neolithische nederzettingen, Romeinse villa's en Merovingische hoeven bevonden. Omstreeks 695 zou Vindicianus, bisschop van Kamerijk, hier zijn toevlucht hebben gezocht. Maar pas in de tweede helft van de 10de eeuw treedt het dorp stilaan uit de schaduw. In 977 wordt het weggeschonken aan Karel van Frankrijk, hertog van Neder-Lotharingen, die een burcht laat bouwen op een eiland in de Zenne, met een kapel opgedragen aan Sint-Gorik. Twee jaar later neemt de hertog er zijn intrek.
 
De middeleeuwse stad
 
In de loop der jaren vestigen zich ambachtslui en handelaars rond het primitieve castrum. Het domein gaat vervolgens over in de handen van de graven van Leuven. Eén van hen, Lambert II, geeft de aanzet voor de bouw van een grote omwalling die zowat een halve eeuw in beslag zal nemen. Tegelijk laten de graven hun oude residentie (castrum) voor wat ze is en nemen ze hun intrek in hun nieuwe kasteel, opgetrokken op de hellingen van de Koudenberg. Brussel is nu een heuse stad, want men kan er alleen nog binnen door één van de zeven poorten. Het is een stad die geleidelijk een politiek statuut verwerft waarin de hoofdrol is weggelegd voor de vorsten - inmiddels hertogen van Brabant geworden - en de burgerij van patriciërs.
 
De macht van deze burgerij wordt gesymboliseerd door de oorkonde van hertog Jan II, die elk van de zeven geslachten het privilege toekent om de sleutel te bewaren van de zeven poorten in de eerste omwalling. De tweede omwalling, waaraan in 1379 de laatste hand wordt gelegd, volgt het tracé waarlangs momenteel de lanen van de Kleine Ring lopen.
 
De hele Middeleeuwen lang zullen zich geregeld conflicten voordoen tussen de kleine man en de machthebbers. Net als in de grote Vlaamse steden nemen de woelige wevers daarbij het voortouw. En als hertog Jan III in 1355 overlijdt zonder mannelijke erfgenaam maakt de graaf van Vlaanderen van de situatie gebruik om de macht van zijn lastige buur te ondermijnen. Na de nederlaag van de Brabantse troepen wappert dus de vlag van Lodewijk van Male over Brussel. Lang zal dat evenwel niet duren: twee maand later wordt het Vlaamse garnizoen uit de stad verjaagd door een honderdtal opstandelingen onder leiding van Everard 't Serclaes. Hertogin Johanna en haar gemaal, Wenceslas van Luxemburg, kunnen dus naar hun hoofdstad terug. Onder hun langdurig bewind wordt in 1402 de eerste steen van het stadhuis gelegd. Als hertogin Johanna op meer dan 80-jarige leeftijd overlijdt, betekent dat meteen het einde van het roemruchte Huis van Leuven. Het ambitieuze Huis van Bourgondië heeft voortaan de kust vrij.
 
Van de Bourgondiërs tot de Habsburgers.
Tijdens een kwarteeuw van burgeroorlog en dynastieke strubbelingen volgen drie Bourgondiërs elkaar op aan het hoofd van het hertogdom. In 1430 neemt Filips de Goede bezit van Brabant. Brussel en niet Dijon wordt de ware hoofdstad van de "Groothertog van het Westen", die zich de gelijke van koningen en keizers mag noemen. Tegelijkertijd voltrekt zich in de stad een merkwaardige economische herstructurering waarbij de productie van luxegoederen op de voorgrond komt te staan. De eenmaking van de Nederlanden onder de Bourgondiërs speelt in het voordeel van Brussel, residentie van een prachtlievend Hof waar gereputeerde kunstenaars en ambachtslui elkaar verdringen. Het einde van de 15de eeuw wordt gekenmerkt door een nieuwe dynastieke ommekeer. Als gevolg van de politieke ontwikkelingen en huwelijksverbintenissen wordt Karel V, beter bekend als Keizer Karel, de opvolger van de Bourgondiërs. Als erfgenaam van de Nederlanden via zijn vader, van Spanje, Napels en Sicilië via zijn moeder en van de Duitse keizerstitel via zijn grootvader, neemt Karel zijn intrek in Brussel, in het paleis op de Koudenberg. In weerwil van de vijandige houding van Mechelen krijgt de stad dus onherroepelijk de politieke en administratieve bovenhand in de Nederlanden. Het gevolg is een bijzonder snelle economische groei.
 
Tijdens zijn langdurige afwezigheden geeft Keizer Karel het regentschap in handen van zijn tante Margaretha van Oostenrijk en nadien zijn zuster Maria van Hongarije. Ook zijn opvolgers zullen zich later in Brussel laten vertegenwoordigen door prinsen van den bloede. Meer dan welke stad ook weet Brussel te profiteren van de centralisatie binnen het uitgestrekte rijk van de Habsburgers.
 
Het ligt dan ook voor de hand dat Brussel een voortrekkersrol vervult in het verzet tegen het tirannieke bewind dat Filips II voert vanuit Madrid. De acht jaar onder de gruwel van de Inquisitie - met als dieptepunt de executie van de graven van Egmont en Hoorn op de Grote Markt in 1568 - zijn slechts een begin. Na jarenlang verbeten maar ongelijk verzet zal de moe gestreden stad - volledig gewonnen voor de zaak van Willem van Oranje en het calvinisme - pas op 10 maart 1585 het hoofd buigen en zich overgeven aan Alexander Farnese. Deze ellendige jaren zetten uiteraard een domper op de gunstige effecten van de ingebruikname van het kanaal van Willebroek, dat de stad een onrechtstreekse toegang tot de zee moet geven. Ondanks enige heropleving dankzij de aartshertogen Albrecht en Isabella kwijnt Brussel tijdens de 16de en 17de eeuw langzaam weg onder de decadentie van de Spaanse Habsburgers. Haar rol als hoofdstad van de Spaanse Nederlanden komt echter nooit in het gedrang. Europa staat in vuur en vlam als het leger van Lodewijk XIV, aangevoerd door maarschalk de Villeroy, Brussel bombardeert op 13 en 14 augustus 1695. Talloze gebouwen worden tot puin geschoten. De heropbouw van de Grote Markt zal vier jaar duren, maar het resultaat is een van de mooiste architecturale decors van Europa. Als de Oostenrijkse Habsburgers in 1716 hun Spaanse neven opvolgen, valt de stad ten prooi aan nieuwe sociale onlusten, die pas een eind nemen bij de onthoofding van gildedeken Frans Anneessens, drie jaar later. Brussel blijft verweesd achter en vindt pas na 25 jaar zijn evenwicht terug. Onder het bewind van Karel van Lotharingen komt de stad stilaan haar lethargie te boven, terwijl anderzijds ingrijpende stedenbouwkundige veranderingen op stapel staan. Aan de vooravond van de Franse Revolutie ziet een derde van de stadsplattegrond er helemaal anders uit.
 
Brussel ontsnapt echter niet aan de filosofisch-politieke ontwikkelingen die Europa eind van de 18de eeuw op zijn grondvesten doen schudden. Keizer Jozef II, in de ban van de Verlichting, geeft de aanzet tot een hele reeks hervormingen. Hoewel zijn bedoelingen goed zijn, pakt hij het allemaal wat onhandig aan en dus dreigt er verzet. Als Parijs in 1789 in opstand komt, put Brussel daaruit inspiratie voor de Brabantse Omwenteling, een opstand tegen de vreemde overheersing onder het mom van de strijd voor de oude privileges van de Katholieke Kerk en de burgerlijke aristocratie.
 
De lange weg naar de toekomst
 
Nadat ze een laatste keer de opstand van hun onderdanen in de Nederlanden hebben neergeslagen, moeten de Habsburgers zich gewonnen geven tegen het Frankrijk van het Directoire. Als de slag bij Waterloo gestreden is en Napoleon gevallen, wordt Brussel - net als Den Haag - één van de twee hoofdsteden van het nieuwe koninkrijk der Nederlanden.
 
Met de Revolutie van 1830, de onafhankelijkheid van België en de afwijzing van de Nederlandse heerschappij zet Brussel een beslissende, onherroepelijke stap op weg naar een status als wereldstad. Het is het startsein voor zowat alle eigenschappen van de moderne agglomeratie: de aanleg van brede lanen bovenop de oude stadswallen, de bouw van spoorwegstations (het eerste dateert van 1835), de oprichting van een Universiteit in 1834, drinkwaterdistributie in alle huizen, een stadsriolering, ambitieuze stedenbouwkundige projecten... De overwelving van de Zenne was daarbij niet alleen een uiting van het streven naar openbare hygiëne maar ook de gelegenheid om de centrumlanen de homogene aanblik te geven die ze ook vandaag nog hebben. De stad trekt alsmaar meer administratieve, commerciële en financiële activiteiten aan en krijgt geleidelijk de omringende gemeenten in haar greep. Deze snelle expansie leidt in de loop van de 20ste eeuw logischerwijze tot een nieuwe reeks grootschalige werken. Brussel is vanzelfsprekend niet ontsnapt aan de algemene trends die alle metropolen in het Westen een ander aanzien hebben gegeven. Het traditionele stadslandschap kwam in het teken van de metro en de torenflats te staan.
 
Dat betekent evenwel niet dat het architecturale erfgoed van Brussel teloor is gegaan. Integendeel, het wordt meer en meer angstvallig beschermd. En de dynamiek waarvan deze stad met haar één miljoen inwoners eeuwenlang blijk heeft gegeven, is ongetwijfeld één van de elementen die mee aanleiding zijn geweest tot de komst van de hoofdkwartiers van de Europese Unie, de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie en tal van andere internationale organisaties, zowel uit de overheids- als uit de privésector.
 
 
 

Commentaar

Er is momenteel geen commentaar !

Een commentaar toevoegen

Dit veld is verplicht
Verzenden
Book your stay
ok icon error icon

ok icon error icon

ok icon error icon
Trip Planner
newsletter facebook Twitter youtube Flickr Dailymotion foursquare pinterest instagram
 
Agenda
sightseeing Brussels
Brussels Card
newsletter